xs sm md lg

E-health: de digitale POH-GGZ als succesverhaal

g29/08/2017

“Tijdens het volgen van de Masterclass Eerstelijns Bestuurders (MEB) in de gezondheidszorg, heb ik onderzoek gedaan naar e-health en hoe het binnen Praktijksteun is geïmplementeerd”, aldus Rudolf Keijzer, algemeen directeur PRO Praktijksteun. “De aanleiding om voor dit onderwerp te kiezen was min of meer toevallig. Toch ben ik erg blij dat ik juist met dit onderwerp aan de slag ben gegaan. In gesprek met Roland Friele (adjunct directeur van onderzoeksbureau Nivel), de begeleider bij de thesis, kwamen we tot de voorzichtige conclusie dat wij tenminste in de groep koplopers staan waar het gaat om de adaptatie van e-health. Wij hebben met ongeveer 100 collega’s inmiddels meer dan 7.500 cliënten online (april 2017). Dit was voor mij meer dan genoeg reden om hier mee aan de slag te gaan.”

Succesvolle implementatie van e-health

De onderzoeksvraag die Rudolf voor zijn thesis wilde beantwoorden, is: “Wat heeft geleid tot een succesvolle implementatie van e-mental-health binnen de organisatie Praktijksteun, en in hoeverre is dit schaalbaar voor en in andere regio’s?”

“Opvallend is dat wij bij Praktijksteun de implementatie van e-health minder uitgebreid en modelmatig hebben uitgevoerd dan in onderzoeken wordt geadviseerd. Toch kunnen we stellen dat de implementatie bij Praktijksteun succesvol is verlopen vanuit de gedachte Think big, start small”. Hoe heeft de implementatie van e-health bij Praktijksteun plaatsgevonden?

  • Praktijksteun heeft vooronderzoek gedaan waarin betrokken POH-GGZ hebben kunnen aangeven en kiezen wat wel of niet prettig werkt.
  • De populatie en zorgzwaarte bij de huisartsenpraktijken is als leidraad gebruikt bij de uiteindelijke keuze van de e-healthleverancier.
  • Iedere POH-GGZ van Praktijksteun bepaalt zelf wat hij of zij prettig vindt om mee te starten.
  • In tegenstelling tot wat de modellen en onderzoeken aanraden, definieert Praktijksteun geen minimaal gebruik of verplichtingen van gebruik.
  • Na enige jaren heeft de organisatie de cursussen voor de POH-GGZ verplicht gesteld. In deze cursus leren de POH-GGZ vooral de praktische handvaten voor het gebruik van e-health.
  • In de 1-op-1 gesprekken tussen de regiocoördinator en POH-GGZ wordt van tijd tot tijd aandacht gegeven aan e-health en hoe je daar als individuele professionals mee om wilt gaan.

E-health binnen de huisartsenzorg

Vanuit de online vragenlijst die Rudolf voor zijn onderzoek rondstuurde was vooral één opvallend verschil te vinden in de antwoorden: de verwachting vooraf van e-health en de ervaring na het gebruik ervan. Hier was een zichtbaar verschil te zien in de toegenomen tevredenheid over e-health nadat men er mee was begonnen. E-health, en de manier zoals de POH-GGZ dit binnen Praktijksteun inzetten, past goed bij de klachten en (zorg)zwaarte die zich in de huisartsenpraktijken voordoet. “Het is leuk om terug te zien dat er voor veel POH-GGZ niet echt het gevoel heerst dat er echt sprake is geweest van een implementatiestrategie. Het is vooral door de POH-GGZ zelf geadopteerd als waardevol instrument, zonder dat daar gevoelsmatig veel sturing of verplichting vanuit de organisatie voor nodig is.”
Op de vraag of men blij is dat men met e-health aan de slag is gegaan, wordt gemiddeld genomen een 8 gegeven, op een schaal van 10. De ervaren kwaliteit van zorg is door velen zodanig beoordeeld dat het erop vooruit is gegaan, ten minste bij de meerderheid van de patiënten waarbij e-health wordt toegepast.

Aanbevelingen voor implementatie e-health

“Een bottum-up-design voor de implementatie van e-health is voor iedere organisatie aan te raden. Hierbij zijn een gedogen trainingscyclus, individuele begeleiding, gecombineerd met het niet verplicht stellen van de mate van gebruik van het instrument bepalende factoren in de mate van het succes van de implementatie”, zo legt Rudolf uit. “Bij Praktijksteun hebben we dus niet volledig volgens een model of strak plan e-health geïmplementeerd. Toch zou ik iedere organisatie het nu wel aanbevelen om met een beschreven plan van aanpak aan de slag te gaan. Hierbij dient gezegd te worden dat het voldoende organisch zijn van een dergelijk plan een voordeel zal blijken. Dit omdat de techniek van e-(mental-)health niet ‘af’ is en hierdoor zowel in externe factoren, als in keuzes binnen de organisatie, veranderingen kunnen optreden die maken dat het star vasthouden aan een vooraf beschreven plan een beperking kan zijn.”